Gedrag van Ierse snoek

Gedrag van Ierse snoek

De Ierse snoek paait tussen februari en april, doorgaans in de ondiepe gedeelten van meren en rivieren. Veel van de grotere snoeken worden vlak voor deze paaiperiode gevangen. Specimenhunters wordt aangeraden de gebieden in de nabijheid van mogelijke paaiplaatsen in de rivieren en meren af te vissen om de kans op de vangst van hun leven zo groot mogelijk te maken.

Het gedrag van snoek wordt mede bepaald door het gedrag van de prooivissen. De snoeken op groot water kunnen afhankelijk zijn van rondtrekkende scholen vis zoals brasem en blankvoorn, vaak volgen ze deze scholen dan ook. Sportvissers die de bewegingen van prooivissen observeren hebben een grotere kans op succes, de snoekvisser die beschikt over een boot kan een dieptemeter gebruiken om deze scholen prooivis te lokaliseren.

Het tijdstip op de dag kan ook van belang zijn op sommige wateren wanneer het gaat om het aasgedrag van de grotere exemplaren. De periode rond zonsopkomst kan zeer productief zijn, net als de laatste uren daglicht. In de koudere maanden zijn sommige snoeken alleen actief rond het middaguur, het tijdstip dat de watertemperatuur het hoogst is. Dit gedrag kan in de loop van het jaar ook nog duidelijke verschillen vertonen op de diverse wateren. Bezoek een plaatselijke hengelsportzaak of vraag een lokale gids naar de beste aasperioden op het water dat je wilt bevissen op snoek.

De Ierse snoek paait tussen februari en april, doorgaans in de ondiepe gedeelten van meren en rivieren. Veel van de grotere snoeken worden vlak voor deze paaiperiode gevangen. Specimenhunters wordt aangeraden de gebieden in de nabijheid van mogelijke paaiplaatsen in de rivieren en meren af te vissen om de kans op de vangst van hun leven zo groot mogelijk te maken.

Het gedrag van snoek wordt mede bepaald door het gedrag van de prooivissen. De snoeken op groot water kunnen afhankelijk zijn van rondtrekkende scholen vis zoals brasem en blankvoorn, vaak volgen ze deze scholen dan ook. Sportvissers die de bewegingen van prooivissen observeren hebben een grotere kans op succes, de snoekvisser die beschikt over een boot kan een dieptemeter gebruiken om deze scholen prooivis te lokaliseren.

Het tijdstip op de dag kan ook van belang zijn op sommige wateren wanneer het gaat om het aasgedrag van de grotere exemplaren. De periode rond zonsopkomst kan zeer productief zijn, net als de laatste uren daglicht. In de koudere maanden zijn sommige snoeken alleen actief rond het middaguur, het tijdstip dat de watertemperatuur het hoogst is. Dit gedrag kan in de loop van het jaar ook nog duidelijke verschillen vertonen op de diverse wateren. Bezoek een plaatselijke hengelsportzaak of vraag een lokale gids naar de beste aasperioden op het water dat je wilt bevissen op snoek.