Gedrag van Ierse zalm en zeeforel

Gedrag van Ierse zalm en zeeforel

Zalmen zijn een ongrijpbare en gecompliceerde tegenstander voor de sportvisser en hun gedrag kan beïnvloed worden door een groot aantal factoren, waaronder het seizoen waarin je ze wilt bevissen, de heersende weersomstandigheden en zelfs het tijdstip op de dag. Het is vastgesteld dat zalmen zich niet voeden in zoetwater, de reden waarom ze dan toch een goed gepresenteerde vlieg of ander aas pakken, is niet bekend. Bovendien, wanneer ze nog maar net in een lough of riviersysteem opgetrokken zijn, zijn ze sneller geneigd aas of een vlieg te pakken, hoe langer ze op zoetwater verblijven, des te moeilijker wordt het ze voor enig aas te interesseren.

Wanneer de zalm de rivieren optrekt in de koudere maanden van het seizoen, dan bewegen ze zich vaak slechts langzaam stroomopwaarts. Wanneer het water echter opgewarmd wordt, dan gaat ook de stofwisseling van de zalm sneller en worden ze meer actief. Voor zalmvliegvissers is een watertemperatuur van 21 graden Celsius cruciaal. Beneden deze temperatuur wordt algemeen aanbevolen om de vlieg aan te bieden met een zinkende of sinktip vliegenlijn. Ligt de watertemperatuur boven die 21 graden, dan pakt de zalm een vlieg die gevist wordt met een drijvende lijn. Dezelfde regels zijn ook toepasbaar op andere methoden om op zalm te vissen, het gezegde zou dan moeten zijn: ‘wanneer het koud is, vis dan langzaam en diep’. Tijdens de zomer heb je de meeste kans op een aanbeet van een zalm in de vroege morgen en wanneer het bijna donker is.

Net zoals bij de zalm, is de zeeforel met name genegen iets te pakken wanneer ze net het zoete water opgezwommen zijn, worden ze moeilijker te vangen des te langer ze zich op de rivieren of de meren bevinden. Toch kan ook een stijging van het waterpeil ze weer tot activiteit bewegen. Zeeforel is vaak ’s nachts actief en de ideale omstandigheden bestaan uit een warme avond zonder maanlicht en een licht briesje. Zeeforel is onder deze omstandigheden de gehele nacht te vangen. Een groot deel van de Ierse zeeforellen wordt overdag gevangen op de meren die langs de Ierse westkust te vinden zijn. Zeeforel (en zalm) zijn vaak in specifieke gedeelten van een lough te vinden. Om ze te vinden is een grondige kennis van het water, onder de waterspiegel liggende richels, rotsen en zandbanken noodzakelijk. Vaak betekent de kennis van een lokale visgids of roeier met betrekking tot de beste plekken en omstandigheden het verschil tussen een visloze en een zeer succesvolle visdag.