Zeesportvissen in Ierland

Zeesportvissen in Ierland

Een aantal van de meer populaire zeesportvissen in Ierland

Makreel (Scomber scombrus)

Komt algemeen voor langs de kust in de zomer en kan soms op grote schaal door sportvissers vanaf een boot of vanaf de kust worden gevangen. Eenvoudig te herkennen aan de donkere, golvende strepen op het groene bovenlichaam en de zilverkleurige onderzijde. Makreel is een belangrijk aas voor andere vissoorten. Geldt als specimen vanaf 1.13 kg.

Zee-engel (Squatina squatina)

Grote, lelijke, gedrongen, kraakbeenachtige vis die lijkt op een kruising tussen een haai en een vleet. Donkerbruin van kleur. Komp plaatselijk voor, maar meer algemeen bekend in een aantal grotere baaien aan de westkust van Ierland, zoals, Blacksod Bay, Clew Bay en Tralee Bay. Kan maximal tot een gewicht van 50 kg. uitgroeien. Geldt als specimen vanaf 22.7 kg.

Pollak (Pollachius pollachius)

Zeer populaire vis. Kan aan de meeste kusten vanaf een boot en vanaf de kust worden gevangen. Komt algeermeen voor in gebieden met een ruwe bodem, klippen en gezonken wrakken. Gemakkelijk te onderscheiden van de aan hem verwante koolvis door de vooruitstekende onderkaak en door de vorm van de zijlijn die bij de borstvin gebogen is. Staart niet uiteenlopend. Gewoonlijk bruin of bronsachtig van kleur op rug en zijden. Kan tot een gewicht van ruim 10 kg. uitgroeien. Geld als specimen vanaf 5.44 kg.

Ruwehaai (Galeorhinus galeus)

Middelgrote haai die in ondiep water voorkomt. Komt in de zomer vrij algemeen voor langs de gehele kust van Ieerland. Grijs van kleur met korte driehoekige borstvinnen en een diep ingesneden staartvin. Zeer populaire sportvis, vooral bij sportvissers die langs de kust vanaf een boot vissen. Mannelijke vissen van maximal 15 kg. zijn vaak in groepen te zien (Dingle, Westport, Galway Bay, Blacksod en Lough Swilly) maar de veel grotere vrouwelijke vis zwemt alleen of in kleine groepjes. Kan maximal tot een gewicht van 40 kg. uitgroeien. Geldt als specimen vanaf 18.4 kg.

Kabeljauw (Gadus morhua)

Komt algemeen aan de kust voor en kan niet worden verward met een andere vissoort, hoewel de kleur van een volwassen vis nogal varieert. Wordt gevangen op allerlei bodemgesteldheden van de zee, van klippen en wrakken tot kiezels en zand en in vele riviermondingen. Kabeljauw is het hele jaar door aanwezig, maar de piekvisstand ligt in mei en juni (vissen vanaf een boot) en in December en januari (vissen vanaf de kust). Kan maximal tot een gewicht van 25 kg. uitgroeien. Goldt als specimen vanaf 9.07 kg.

Vleet (Raja spp.)

Vissers hebben drie soorten vleet in de lerse wateren genoteerd. Deze zijn: witte vleet (Raja alba) (Geldt als specimen vanaf 54.43 kg) lange neus vleet (Raja oxyrinchus), 36.29 kg.; en de gewone vleet (Raja batis) (kan niet langer als specimen worden aangemeld). In het belang van natuurbehoud heft de Irish Specimen Fish Committee in 1976 de gewone vleet van haar lijst geschrap. Vanaf dat moment zijn alle gewone vleten die door vissers warden gevangen, levend vrijgelaten in het water. In de laatste jaren zijn vissen van bijna 90 kg. weer verschenen op een aantal plekken aan de westkust.

Kongeraal (Conger conger)

Rug – start – en anale vin doorlopend; geen buikvinnen. Rugvin begint waar de borstvin eindigt. Lijf nogal gezet en gespierd. Grote mond; bovenkaak groter. Kan tot een gewicht van ruim 50 kg. uitgroeien. Komt voor voor de kust, langs de kust en in de lagere uitgestrektheden van de grotere riviermondingen. Gelde als specimen vanaf 18.14 kg.

Bot (Platicthys flesus)

Ogen en kleur meestal op rechterzijde, maar “omgekeerde” exemplaren komen vaker bij bot dan bij andere platvissen voor. Opvallende, vergrootte, ruwe, harde schubben op koprand, voorste deel van zijlijn en langs onderzijde van rug – en anale vin op de zijde waar de ogen zich bevinden. Donkerbruin tot groengrijs van kleur, soms met vage oranje strippen; Blinde zijde gelijkmatig matwit. Kan maximal tot een gewicht van 2.5 kg. uitgroeien. Komt vaak in zoetwater voor ruim boven de getijdelijn. Geldt als specimen vanaf 1.36 kg.

Leng (Molva molva)

Kabeljauwachtige met het uiterlijk van een zeepaling. Baarddraden onder de bek waarin zich vlijmscherpe tanden bevinden. Olijfkleurig tot root-bruin, soms gestippeld. Een zeer populaire sortvis, vooral bij wrakken en rifvisserij. Wordt vrijwel alleen vanuit boten gevangen. Wordt tot zo’n 25 kilo zwaar. Geldt als specimen vanaf 11.34 kg.

Gevlekte Lipvis (Labrus spp.)

Lipvissen vormen een grote familie van enigszins plompe vissen met grote schubben waarvan er twee interessant zijn voor zeevissers. De gevlekte lipvis (Labrus bergylta) die zo’n 5 kilo zwaar wordt (geldt als specimen vanaf 2.15 kilo) en de kleurrijke koekoesks lipvis (labrus mixtus) die maximal tot 1 kilo kan uitgroeien; geldt als specimen vanaf; 0.57 kg. Beide soorten komen algemeen voor in de lerse wateren, vooral op rotsachtige plaatsen met begroeide klippen.

Zeebaars (Dicentrarchus labrax)

Deze blauw gerugde, zilverkleurige neef van de Amerikaanse gestreepte zeebaars is één van de meest gewilde hengelsportvissen van Ierland. Hij voelt zich net zo goed thuis in de onstuimige Atlantische branding als in het kalme binnenwater ven een riviermonding. Komt het meest voor onder de lijn Galway-Dublin, maar plaatselijke besetting komt voor buiten dit gebied. Bij de wet beschermde vissoort, met een vangstbeperking van 2 vissen per sportvisser per 24 uur en een minimum-maat van 24 cm. Kan maximal tot een gewicht van 18 kg. uitgroeien. Geldt als specimen vanaf 4.53 kg.

Haai (soorten)

Er zijn vijf soorten haaien die de sportvisser aan de lerse kust kan tegenkomen. De Makreelhaai (lsurus oxyrinchus), gemiddeld gewicht: 90.72 kg; de Voshaai (Alopias vulpinus), gemiddeld gewicht: 54.43 kg. de zeskiewige haai (Hexanchus griseus), gemiddeld gewwicht: 45.36 kg.; de haringhaai (Lamna nasus), gemiddeld gewicht: 68.04 kg.; en de Blauwe (Prionace glauca), gemiddeld gewicht 45.36 kg. Van deze soorten worden alleen de twee laatstgenoemden regelmatig gevangen, waarbij de rest meestal toevallig aan de haak geslagen wordt. Het vissen op haaien is tijdens de zomermaanden een populaire sport aan de zuid-en westkust.

Rog (Raja sp.)

Komt gewoonlijk in de zomer in ondiep water voor. Er zijn door spportvissers in de lerse wateren acht rogsoorten genoteerd. Deze zijn de Stekelrog (Raja clavata), specimen vanuf: 9.07 kg. de blonde rog (Raja brachyuran), 1.34 kg.; de Koekoeksrog (Raja naevus), 2.04 kg. de sidderrog (Torpedo nobiliana), 9.07 kg.; de gladde rog (Raja montagui) 2.27 kg. de golfrog (Raja undulate), 6.35 kg.; de kleinoogrog (Raja microcellata), 4.54 kg.; en de pijlstaartrog (Dasyatis pastinaca) 13.60 kg